Extra info rouwborden

Er zijn maar weinig kerken in onze streek waar zoveel wapenschilden of blazoenen te kijk hangen als in onze kerk van Olsene. Het zijn evenveel herinneringen uit het verleden, soms zelfs uit lang vervlogen tijden. Maar ze "spreken" ons over een stuk dorpsgeschiedenis.
De wapenschilden vinden we terug op de rouwborden, vaak obiits genoemd. Rouwborden herinneren aan een, gewoonlijk adellijke of kerkelijke hooggekwalificeerde overledene, die zich voor de plaatselijke kerk of voor de lokale bevolking verdienstelijk had gemaakt.

Dit is het rouwbord van Polydoor Piers de Raveschoot

Het rouwbord zegt op welke datum de betrokken persoon "obiit", wat Latijn is dat heel eenvoudig betekent: "hij (zij) overleed". Die vermelding "obiit" heeft de naam gegeven aan heel het bord. Soms vermeldt het bord ook de geboortedatum en zeg dan "natus" (voor een man) of "nata" (voor een vrouw).
Op een rouwbord vind je echter nooit de naam van de overledene. Centraal staat wel een heraldisch wapen afgebeeld. Dat wapen verraadt wie de betrokken overledene is.

Het aanbrengen van rouwborden in kerken vond in Europa ingang in de 15e eeuw. Men wilde aldus bepaalde overledenen in "eeuwige" gedachtenis houden. Het ging om mensen die zich bijzonder verdienstelijk hadden gemaakt, als bouwheer of beschermer van het kerkgebouw of als weldoener van de kerkgemeenschap. Veelal werden deze mensen niet op een kerkhof maar in de kerk zelf begraven, onder het plaveisel of in een praalgraf.
Een rouwbord is altijd een werkelijk beschilderd bord, geen doek dus, maar een houten omlijst berd. De achtergrond is zwart, waarop wapen en opschriften in (heraldische) kleuren werden geschilderd. De vorm evolueerde van rond over ovaal naar ruitvormig. De rouwborden in onze kerk zijn alle ruitvormig.
Het is een meevaller dat er nog zoveel hangen in onze kerk. Omwentelingen en revoluties op het einde van de 16e en van de 18e eeuw waren gekant tegen de adel en de geestelijkheid. Haat werd botgevierd op al wat hogere standen of godsdienst toebehoorde of eraan herinnerde. Bij plundering van kerken en kapellen zijn aldus ook zeer veel rouwborden vernield. En in de oorlogsravages van 1940 heeft onze kerk het hard te verduren gehad. Daarbij zijn dertien van de oudste rouwborden door vernieling reddeloos verloren gegaan. Dertien zijn gespaard gebleven; het oudste dateert van 1735.

Terug naar de vorige pagina